Na een eenvoudige kwalificatie voor het WK waren de verwachtingen - zoals gewoonlijk - weer hoog gespannen. Het WK vond in het hol van de leeuw plaats. Duitsland is als locatie voor een eindronde altijd een vruchtbare bodem voor succes gebleken. Na de finale in 1974 en de winst in 1988 gingen we massaal en vol goede moed voor de cup.
Nederland was ingedeeld in de poule des doods. Met tegenstanders als Servië - Montenegro, Ivoorkust en Argentinië zou het al een hele prestatie zijn om door de groepsfase heen te komen.
De eerste wedstrijd was tegen Servië - Montenegro. De wedstrijd ging zoals gehoopt en
Nederland kwam via een snelle treffer van Arjen Robben in de 18e minuut op de gehoopte voorsprong. Winst op Servië - Montenegro was een vereiste om door de groepsfase heen te komen. De wedstrijd was geen hoogstaand duel. Beide teams kwamen niet op hun hoogste niveau. Dankzij de hitte en het stroeve veld waren de kansen schaars. Aan de zijde van Servië kon ook Kezman niet het verschil maken. De wedstrijd eindigde dan ook in 1-0.
De tweede wedstrijd tegen Ivoorkust werd met enige angst in de benen tegemoet getreden. Het spel van de Ivorianen had van tevoren de nodige indruk gemaakt. Nederland begon niet alleen in dezelfde opstelling als tegen Servië - Montenegro, maar ook op een even voortvarende manier. Na druk in de eerste tien minuten wist Oranje, in een fase dat Ivoorkust terug leek te komen, te scoren. De 1-0 kwam van de voet van Robin van Persie, die met een werkelijk magnifieke vrije trap de 1-0 hard achter doelman Tizie plaatste. De vrije trap deed Les Elephants verschrikken en een paar minuten later was het Ruud van Nistelrooy op aangeven van Arjen Robben die koelbloedig de 2-0 intikte.
In de verwachting dat de wedstrijd gespeeld was, liet Oranje zich terugzakken. De Olifanten hadden de moed echter niet opgegeven en via een prachtige trap scoorde Bakari Koné de aansluittreffer: 2-1. De Ivorianen bleven op zoek naar de gelijkmaker, maar konden voor rust het net niet meer vinden.
Na de rust ging de wedstrijd in hoog tempo verder. Van Basten wisselde enkele spelers om de balans in het team terug te brengen. Zo bracht hij Rafael van der Vaart en Denny Landzaat in. Ondanks de druk van Ivoorkust wisten ze de score niet meer te veranderen en haalde Nederland het slotsignaal met de minimale voorsprong.
Nederland had zich de tweede winst geplaatst voor de achtste finales. De wedstrijd tegen Argentinië zou niet meer dan een formaliteit worden.
De derde wedstrijd in de poule was tussen twee landen die zich al gekwalificeerd voor de volgende ronde. En de wedstrijd was er ook naar. Beide ploegen speelden rustig en op reserve. Er werden nauwelijks kansen gecreëerd en de wedstrijd leek verdacht veel op een 'Gentleman's agreement'. Zonder veel hoogtepunten werd het 0-0. Nederland plaatste zich als tweede in de groep voor de 8e finales na Argentinië dat als groepswinnaar doorging.
Door het resultaat in de voorrondes werd Nederland aan Portugal gekoppeld. Portugal dat zich in de loop der jaren als 'angstgegner' ontpopt had, werd met gemengde gevoelens tegemoet gezien.
De wedstrijd Portugal - Nederland zou een bizarre wedstrijd worden. Portugal kwam sterker dan Oranje uit de startblokken en scoorde in de 23e minuut via Maniche de 1-0. Ondanks verwoedde pogingen en enkele bijna treffers (Cocu op de lat en Kuyt net tekort) werd Nederland uitgeschakeld in een desastreuze wedstrijd.
De uitschakeling van Nederland kwam onverwacht, maar zal niet datgene zijn wat ons het meeste zal bijblijven. De 20 kaarten die getrokken werden door 'de strooier' Valentin Ivanov waren wat deze wedstrijd tot de slechtste wedstrijd van het toernooi maakten. Het collectieve gebrek aan zelfbeheersing bij zowel Nederland als Portugal leidde to 16 gele kaarten en 4 rode kaarten. De vroege rode kaart van Costinha ('46) bood Nederland de mogelijkheid om terug te komen in de wedstrijd, maar de sluwheid van
Portugal (Deco) leidde ertoe dat ook Boulahrouz al vroegtijdig zijn schoenen kon inpakken. Uiteindelijk bleef de score 1-0 en stapte Portugal als overwinnaar van het slagveld af.
De rest van het toernooi leek voor Nederland weinig interessant, maar kende nog wel een zeer opmerkelijk hoogtepunt (of beter gezegd dieptepunt).
Finale
De finale was tussen de twee sterkste landen van het toernooi Italië en Frankrijk (Brazilië uitgeschakeld). Nadat ze in de halve finale respectievelijk Duitsland en Portugal hadden uitgeschakeld, speelden ze de finale in het Olympiastadion in Berlijn.
Beide landen waren gelijkwaardig aan elkaar. Na 7 minuten kreeg Frankrijk een penalty en wist Zidane al vroeg in de wedstrijd de Fransen op voorsprong te zetten. In de 19e minuut was het echter Materazzi die de Italianen via een mooie kopbal op gelijke hoogte bracht. Beide doelpuntenmakers vormden in een latere confrontatie het meest besproken moment van het WK 2006.
De wedstrijd kabbelde voort en na het sterke begin van Frankrijk nam Italië het heft in handen.